Typ om te zoeken

Geen onderdeel van een categorie

Educatie van patiënten met een antitumorale behandeling (TKI of mTOR) voor gemetastaseerd renaal cel carcinoom

Delen

Door Ann Annaert , oncologisch verpleegkundige, dienst medische oncologie- radiotherapie , UZ Gent (15/09/2015)

 
Patiënten begeleiden met een orale antitumorale behandeling is een echte  uitdaging. Het zijn soms oudere patiënten die reeds onder polymedicatie staan. Zij nemen vaak al medicatie voor de bloeddruk, cholesterol, diabetes,… Er komt dan nog een extra medicijn bij. De dagelijkse inname en de manier van innemen van deze geneesmiddelen is wel degelijk complexer dan de andere medicatie. Het is dus belangrijk om educatie te geven  bij de start van de behandeling.
 
 

Bevorderen therapietrouw

Het zijn palliatieve behandelingen. Maar vaak zijn deze patiënten nog in goede algemene conditie en willen zij ondanks het feit dat er geen genezing mogelijk is, toch een therapie om hun ziekte zo lang mogelijk onder controle te houden.
 
Deze doelgerichte therapie biedt patiënten comfort, maar aangezien het ambulante therapie is, kan de beheersing van de bijwerkingen moeilijkheden opleveren en is het risico van onvoldoende therapietrouw reëel. De therapeutische doelstellingen worden  dan misschien niet behaald en is er dus minder kans dat de ziekte onder controle blijft.
 
Vaak is het een complex behandelingsschema: 1-2x/dag, soms tot 4 co/d,  één uur voor of twee uur na de (vetrijke) maaltijd, continu of met een rustpauze… Er zijn dus verschillende zaken waar de patiënt dient rekening mee te houden.
 
Om de therapietrouw te bevorderen is het daarom belangrijk om de patiënten uit te leggen waarom zij deze medicatie dagelijks op een bepaalde manier moeten innemen en hoe zij kunnen omgaan met bijwerkingen.
 
 

Multidisciplinaire aanpak

We werken in een multidisciplinair team. Het kernteam bestaat uit een medisch oncoloog, een oncologisch verpleegkundige en een klinisch apotheker. Er is een nauwe samenwerking met de sociale dienst, de psycholoog, het palliatief support team en de onco diëtiste. De huisarts en de thuisverpleegkundige worden ook betrokken in de begeleiding van de patiënt en hun familie.
 
Bij de opstart van de behandeling, gaat de patiënt eerst langs bij de medisch oncoloog waarbij er reeds info wordt gegeven over het ziekteverloop en de medicatie die zal gestart worden.
 
Sutent®, Votrient®, Inlyta®, Nexavar® en Afinitor® zijn de orale behandelingen die momenteel voor gemetastaseerd niercelcarcinoom worden toegepast.
 
Gedetailleerde, aanvullende  informatie wordt gegeven door de verpleegkundige en de apotheker. Er wordt nagegaan wat de patiënt reeds begrepen heeft, wat de nood is aan informatie en de begeleider wordt eveneens betrokken bij deze info. Belangrijk is het doseren van info bij de start: ‘keep it short and simple’ J. In de verdere opvolging in de weken nadien  wordt er dan verder ingegaan op bijwerkingen, moeilijkheden, vragen…
 
Er wordt gebruik  gemaakt van een communicatiemap. Hierin staan de contactgegevens van het team, de brochure van het geneesmiddel, het medicatieschema en het dagboekje om nevenwerkingen in te noteren.
 
De prijs van het geneesmiddel wordt in de brochure vermeld om de patiënten een idee te geven van de kostprijs van deze behandeling.
 
Via het digitaal oncologisch platform in CoZo kunnen patiënten, indien zij dat wensen, ook informatie vinden en nevenwerkingen registreren.
 
 

Zelfzorgadvies en aandacht voor nevenwerkingen

Er dient voldoende aandacht te worden besteed aan het behandelen van de symptomen gerelateerd aan de ziekte en de nevenwerkingen ten gevolge van de ingestelde therapie.
 
Het is dus belangrijk om pro-actief zelfzorgadvies te geven aan de hand van de brochure om bijwerkingen onder controle te kunnen houden.
 
Er wordt aangeraden preventief de huid te hydrateren, voornamelijk de handen en de voeten om ‘ hand foot skin reaction’ te voorkomen. Voor de start dient eelt verwijderd te worden door een medisch pedicure.
 

  • Hypertensie is een vaak voorkomende bijwerking die moet behandeld worden. De klachten die wijzen op een verhoogde bloeddruk worden uitgelegd.
  • De patiënt kan een bloeddrukmeter lenen van het ziekenhuis en waarden kunnen gerapporteerd worden in hun informatiemap of via het ehealth platform ( CoZo).
  • Er worden voedingsadviezen gegeven om klachten als nausea en  diarree te minimaliseren en om het gewicht onder controle te houden. De oncodiëtiste wordt ingeschakeld bij ernstige klachten en op vraag van de patiënt.
  • Het belang van een goede mondhygiëne wordt benadrukt en de monstatus wordt gecontroleerd tijdens de raadpleging.
  • Tips met betrekking tot hoe omgaan met vermoeidheid wordt besproken met de patiënt, rekening houdend met zijn levenstijl. Het is belangrijk om ook de mantelzorger bij dit thema te betrekken.
  • De patiënt wordt geïnformeerd dat er een bloedonderzoek op regelmatige basis wordt uitgevoerd ter opvolging van de nierfunctie, levertesten, schildklierfunctie, electrolieten en
  • algemeen bloedbeeld.
  • Er wordt een samenvatting gegeven van alarmsignalen ( zoals o.a. koorts en dyspneu). Wanneer dergelijke symptomen optreden, dient men contact  op te nemen met de arts of de verpleegkundige.

 
Door de apotheker worden interacties met thuismedicatie, voedingssupplementen en kruiden gescreend.
 
Patiënten onder doelgerichte therapie worden nauwgezet opgevolgd (zowel telefonisch als op de consultatie).
 
De toxiciteit wordt gescreend en gerapporteerd in een observatieblad (volgens de Common Terminology Criteria for Adverse Events 4.0).
 
 

Wat het toetsen van de therapietrouw betreft, laten we de patiënten vertellen hoe en wanneer zij de medicatie innemen, al dan niet met voedsel. Bij moeilijkheden gaan we de patiënten ook mee laten nadenken over wat er kan   verbeterd worden. Bijvoorbeeld als men aangeeft dat men soms de medicatie vergeet in te nemen, dan kan nagevraagd worden: wat zou het gemakkelijker maken om het niet te vergeten? Of zou een ander uur van inname beter zijn in het dagelijkse leven? Dus we gaan de patiënt en hun naaste betrekken bij de behandeling.
 
Sommige mensen geven ook aan dat ze op een bepaald moment nood hebben aan een dosisreductie of pauze. Anderen willen zo lang mogelijk de standaarddosis blijven behouden om het effect van de therapie niet negatief te beïnvloeden, soms ten koste van hun eigen veiligheid.
 
Je gaat uit van een standaardschema, maar tracht dit toch te personaliseren.
 
 

Aandacht voor de patiënt in al zijn facetten

Tijdens het verpleegkundig spreekuur is er ook aandacht voor emotionele ondersteuning en de levenskwaliteit van de patiënt.
 
Het komt de opvolging  ten goede als je inzicht krijgt in de persoon achter uw patiënt. Wat is zijn levensvisie? Heeft hij een partner, kinderen, kleinkinderen? Is er andere ondersteuning? Wat is de geestelijke en lichamelijke conditie? Wat is de gewenste kwaliteit van leven op persoonlijk of/en op professioneel vlak? Wat is zijn culturele achtergrond? Wat is zijn visie op het levenseinde?
 
 

Besluit

Als besluit kunnen we stellen dat patiënteneducatie heel belangrijk is om de doelstelling van de behandeling te kunnen bereiken. We trachten de  therapeutische dosis zolang mogelijk te behouden zodat de therapie geoptimaliseerd blijft. We motiveren de therapietrouw en trachten het beste resultaat te behalen voor de patiënt en zijn levenskwaliteit.
 
 
urobel logo
 
 
Referenties
Project MDR uro-onco, Elsie Decoene & Prof. Dr. Sylvie Rottey, UZ Gent, 2012
Lentesymposium Klinische Farmacie in UZ Gent: Onze “ eigen-wijze” kijk, Samen zorgen voor patiënten met orale cytostatica, Apr. Nele Clottens & Ann Annaert, UZ Gent (21/05/2015)
De coördinatie van de oncologische zorgen: interprofessionele meeting, Orale inname van geneesmiddelen: een trend voor de toekomst, (Programme Education thérapeutique du patient), Patricia Lecoq, Hôpital Francoise Baclesse Normandie (27/03/2015)
2nd mRCC onco-nurse meeting, Treatment management best start , Laura Wood, Cleveland Clinic Taussig Cancer Institute (26/03/2015)

Tags:

Je houdt waarschijnlijk ook van

Geef een reactie