Typ om te zoeken

Geen onderdeel van een categorie

Revalidatiecentrum Noorderkempen: open cultuur positief

Delen

“In vergelijking met vroeger worden bij diagnose en behandeling van onze cliënten veel meer parameters in kaart gebracht. Terwijl iedere discipline nog al eens op zijn eigen eiland werkte, opereren we nu veel meer als één team. Dat alles komt de resultaten van een behandeling zeker ten goede,” vertelt Ingrid Snoeys, Directeur van Revalidatiecentrum Noorderkempen in Wuustwezel. De werking van het centrum voor ambulante revalidatie is gericht op het onderzoeken en behandelen van kinderen en volwassen met specifieke noden.
 
“Het merendeel van onze cliënten is afkomstig uit Wuustwezel of de aangrenzende gemeenten, 62% situeert zich in de leeftijd tussen 4 en 9 jaar. Grotendeels worden de schoolgaande kinderen doorverwezen door het CLB en scholen. De zeer jonge kinderen en peuters in de vroegbegeleidingsdienst en de kinderen en volwassenen van de NAH-dienst worden eerder doorverwezen door medici. De stoornissen waarvoor wij erkend zijn betreffen complexe ontwikkelingsstoornissen, mentale beperkingen, ADHD, autismespectrumstoornissen, gedragsstoornissen, hersenverlamming en niet aangeboren hersenletsels (NAH) en dit laatste voor kinderen en volwassenen. We hebben in stijgende mate te maken met ASS en ADHD. We zien daarnaast ook meer en meer complexe stoornissen en brengen daarom ook co-morbide en/of geassocieerde stoornissen in kaart. De kinderen die we behandelen volgen voor het merendeel regulier onderwijs, ze komen 2 à 3 keer per week gemiddeld één uur naar het centrum. We worden geconfronteerd met beperkte wachttijden: 50% van het cliënteel komt binnen de 4 maand op bezoek. Wij zijn gelegen in een rustige omgeving volledig omringd door het groen. Onze gebouwen dateren uit jaren 70 toen onze organisatie werd opgestart. In de loop der jaren hebben wij constant geïnvesteerd in nieuwe accommodaties. Zo hebben wij vorig jaar een binnenplein aangelegd waar cliënten van de NAH-dienst straattherapie kunnen volgen om hun motorische vaardigheden aan te scherpen.”
 

Intensieve vorming

“De conventie voorziet in 15 uur vorming per fulltime medewerker per jaar, maar dat aantal uren overschrijden we fors. Op de werkvloer is het van belang dat we gezamenlijke knowhow verwerven. Vandaar dat elke individueel gevolgde vorming wordt verwerkt en doorgegeven ofwel disciplinair ofwel voor het hele team. Het aantrekken van medewerkers is geen probleem, enkel de aanwerving van kinesitherapeuten is niet evident.”
 

Streng toekijken op diagnose

“Vanuit ouders en scholen ervaren we een verhoogde druk in verband met de diagnose van kinderen met ontwikkelingsstoornissen. In vele gevallen wensen ze dat er een ‘etiket’ wordt gekleefd. Dat is niet onze manier van werken. Voor een diagnose van een mogelijke cliënt trekken wij dan ook voldoende tijd en middelen uit via een multidisciplinair onderzoek. Pas als er een eensgezinde diagnose mogelijk is, zullen wij een revalidatieplan voorleggen.”
 

Meer nadruk op netwerking

“Een aantal opmerkelijke trends laten de evolutie van ons centrum zien. Zo is er een trend naar meer netwerking met uiteenlopende organisaties en instanties zoals scholen, CLB, ziekenhuizen, thuisbegeleiding, mutualiteiten, enz. Op die manier kunnen wij onze expertise nog beter uitdragen. Daarnaast zetten wij steeds meer in op een ‘Evidence Based’ werking. Allerhande metingen zijn hierbij een must om de behandelingen nog beter te onderbouwen en feedback te kunnen geven. Metingen dienen daarnaast ook als basis voor benchmarking.”
 

Op maat werken

“Zoals gezegd: de belangrijkste verandering heeft te maken met een afstemming op de zorgbehoefte van het individu en het zorgaanbod van de Centra Ambulante Revalidatie. Het uitgangspunt hierbij is een samengaan van categoriale en handelingsgerichte diagnostiek in een ‘biopsychosociale’ benadering. We werken daarbij vanuit het ICF-model, International Classification of Functioning. Bij een synthese van de gezondheidstoestand werd voorheen vooral gefocust op aandoeningen en ziekten, en op functies en anatomische eigenschappen. Om een goed beeld te krijgen worden nu ook heel wat andere factoren in kaart gebracht. Het gaat daarbij onder meer om activiteiten en participatie maar ook externe en persoonlijke factoren. Op die manier kunnen wij een totaalbeeld vormen en vandaaruit een op maat gericht behandelingsplan opstellen. We hanteren zowel korte als lange termijn doelen en leggen de nadruk op wat een cliënt wel kan. Tijdens de therapie wordt elke cliënt regelmatig medisch geëvalueerd. De veranderde werkwijze vergt van alle medewerkers een eerlijke, kwetsbare opstelling. Het creëren van een open sfeer is hierbij onontbeerlijk,” besluit Ingrid Snoeys.
 
 

Tags:

Je houdt waarschijnlijk ook van

Geef een reactie