Typ om te zoeken

In the spotlight Overige Woonzorgcentra

Ouderen verzwijgen vaak hun angst voor valangst

Delen

De Week van de Valpreventie was gepland in april, maar werd omwille van de corona-crisis geannuleerd. De campagne stond dit jaar in het teken van valangst.  

Prof. Koen Milisen – Voorzitter EVVKU, Leuven

De jaarlijkse Week van de Valpreventie sensibiliseert alle actoren die met 65-plussers werken om aandacht te hebben voor val- en fractuurpreventie. Het is een initiatief van het Expertisecentrum Val- en fractuurpreventie Vlaanderen (EVV), het Vlaams Instituut Gezond Leven en het Lokaal GezondheidsOverleg. Het Vlaams Agentschap Zorg en Gezondheid biedt ondersteuningVoorzitter van het EVV is professor Koen Milisen (KU Leuven). Hij is expert in ouderenzorg. “We opteerden voor het thema valangst omdat dit een belangrijke risicofactor is. Er zijn de klassieke oorzaken zoals verminderde mobiliteit en spierkracht, evenwichtsstoornissen, orthostatische hypotensie, polyfarmacie enzovoort. Maar angst om te vallen is ook een reëel risico. Door deze angst ga je minder bewegen en minder je spierkracht, mobiliteit en evenwicht trainen. Dat leidt tot een neerwaartse spiraal, waardoor de kans op een val toeneemt. 

Bespreekbaar 

Ouderen vinden het niet gemakkelijk om over hun valangst te praten. “Ze verzwijgen het vaak omdat ze vrezen dan naar een woonzorgcentrum te moeten. Toch vinden we het belangrijk dat het bespreekbaar is, want zo kan je de angst verminderen. Literatuuronderzoek toont aan dat er twee types van interventie mogelijk zijn. Dat is enerzijds oefentherapie om spieren en het evenwicht te versterken. Tai Chi is daar een bijzondere vorm van. De evidentie is niet zo sterk, maar er zijn duidelijke aanwijzingen dat het ook de valangst vermindert. Wie voelt dat hij steviger op zijn benen staat, zal zich zekerder voelen. Daarnaast is er cognitieve gedragstherapie, waarbij het belangrijk is om over valangst te spreken en bijvoorbeeld te bekijken in welke specifieke omstandigheden ouderen bang zijn. Dan gaan ze bepaalde bewegingen niet meer uitvoeren of een ander stappatroon hanteren, wat het risico om te vallen vergroot.” Het is dus belangrijk om met familie of in groep met andere ouderen, hierover te praten. “Zo kan je tips aanreiken. Je kan bijvoorbeeld aanpassingen doorvoeren zoals handvatten bij het toilet of de traphal beter verlichten.” 

Ook de huisarts kan peilen of iemand kampt met valangst. Hij zou dat bij consultaties telkens kunnen bevragen. Een mogelijkheid is het inschakelen van verpleegkundigen en ergotherapeutenZij beschikken over screeningsinstrumenten om na te gaan of er valangst is en in welke situaties. Zo wordt duidelijk welke oplossingen mogelijk zijn en kunnen ouderen langer thuis blijven wonen. Ook ziekenhuizen kunnen ambulante programma’s ontwikkelen. 

www.valpreventie.be  


“Coachen en motiveren” 

De Vlaamse overheid startte een preventieproject: in ruim 600 woonzorgcentra is er procesbegeleiding mogelijk rond vier problemen: mondzorg, ondervoeding, onterecht gebruik van psychofarmaca en valpreventie. Momenteel zijn er 48 wzc die specifiek op valpreventie inzetten. De ondersteuning gebeurt door het EVV en procesbegeleiders. Eén van hen is Iris Vanheel, ze is actief in twee Limburgse wzc. “Ik probeer het team dat aan valpreventie werkt, te coachen en te enthousiasmeren. Belangrijk is ook om geregeld stil te staan bij de intrinsieke motivatie om projecten op te starten en om het hele wzc erbij te betrekken zodat het door iedereen gedragen wordt. Het gaat om een veranderproces dat na afloop van de begeleiding niet mag stilvallen. We bekijken telkens wat de volgende stap zal zijn. Ook pols ik graag bij de bewoners hoe zij het ervaren, of ze al een valincident meemaakten. Fijn is dat ook hun familie erachter staat.” 

www.valpreventie.be/procesbegeleiding-bij-implementatie-van-valpreventie 

Geef een reactie