Typ om te zoeken

ICT In the spotlight Overige

Psychiatrisch Centrum Sint-Amandus: “Weglooppreventie past in totale aanpak”

Delen

‘Weglooppreventie’ is op bepaalde afdelingen van zorgorganisaties een belangrijk aandachtspunt. De context van een psychiatrisch centrum is verschillend van een woonzorgcentrum waar mensen met dementie zich niet meer kunnen oriënteren en de weg naar het wzc niet terugvinden. 

Hans Pauwels is stafmedewerker in het Psychiatrisch Centrum Sint-Amandus in Beernem. Het omvat zowel een psychiatrisch ziekenhuis (369 bedden en plaatsen) als een psychiatrisch verzorgingstehuis (voor 120 bewoners) en richt zich tot volwassenen en ouderenEen deel van de cliënten heeft crisiszorg nodig, bij anderen gaat het om een verdere behandeling met een focus op herstel.  

Bredere context 

Globaal beleid veilige zorg, PC Sint-Amandus

“Het omgaan met het risico op het ongeoorloofd verlaten van de afdeling of wegloopgevaar mag je niet los zien van het beleid gericht op Veilige Zorg van het centrum en een integrale visie en aanpak van elke zorgafdeling. Bij crisiszorg zijn er soms gedwongen opnames. De aanleiding voor deze opnames is vaak gerelateerd aan ernstige ontregeling, mogelijke agressie of risico op suïcide. Het kan als gevolg hebben dat deze mensen een gevaar voor zichzelf of voor anderen vormenDeze mensen komen bij ons in een gesloten context terecht, wat betekent dat ze de afdeling niet zelfstandig kunnen verlaten. Bij de afdelingen voor gerontopsychiatrische zorg gaat het bij sommige cliënten eerder over het risico op dwalen.  Op de campus zijn er ook open afdelingen of open afdelingen met een gesloten leefgroep waar mensen de nodige vrijheid krijgen.” 

Bewegingsvrijheid 

“We ontnemen cliënten uiteraard niet zomaar hun bewegingsvrijheid, er moeten redenen toe zijn. Cliënten, familie en andere betrokkenen krijgen daarover informatie zodat ze weten waarom bepaalde maatregelen nodig zijn. We bekijken elke cliënt individueel. Soms kan iemand die in een gesloten context bij ons verblijft, in bepaalde omstandigheden toch de afdeling verlaten. Veel hangt af van de risico’s en de mate waarin de nabijheid van zorgverleners noodzakelijk is. Het is onze opdracht om cliënten te begeleiden in het omgaan met vrijheid en verantwoordelijkheid. We willen hen daarbij vooral ondersteunen om opnieuw een eigen zinvolle plek in de samenleving in te nemen. ‘Weglooppreventie’ is dus heel genuanceerd. Een opname hoeft niet langer te duren dan nodig. Vanuit dat oogpunt spelen mogelijke risico’s en individuele doelstellingen een grote rol. Dat gebeurt in dialoog met de cliënt. Het weglooprisico mag je niet los zien van andere risico’s, zoals een zucht naar bepaalde middelen, suïciderisico, agressie... Er is vaak een verband en daaraan wordt met de cliënt gewerkt. We bekijken wat spanningen veroorzaakt en wat er aan kan worden gedaan. We proberen de cliënten zo goed mogelijk te ondersteunen zodat hij of zij met moeilijke situaties en gevoelens overweg kan, bijv. aan de hand van een signaleringsplan. Iemand loopt niet zomaar weg, we proberen altijd te begrijpen wat de oorzaak is. We houden steeds de vinger aan de pols. 

Activiteiten 

Er zijn geregeld begeleide activiteiten die buiten de muren van de afdeling plaatsvinden. “De risico’s worden ingeschat, maar ook de band die intussen is gegroeid met de begeleiders. Er wordt gepraat over verlangens en behoeftes. Stap voor stap worden vrijheden toegestaan, zoals een tijdlang op het domein kunnen doorbrengen of met bezoekers naar de cafetaria gaan, op weekend naar huis gaan..We volgen goed op hoe dat verloopt. Het is zoeken naar een evenwicht. We hebben een verantwoordelijkheid wat betreft de veiligheid van de patiënt. Daar gaan we zorgvuldig mee om. Ook bij vrije opnames gaan we in dialoog met de cliënt en gaan we na wat past in het individuele behandelplan. Vragen en noden bekijken we heel goed, ook vanuit het perspectief van de familie.”  

Therapeutische relatie 

Preventie van wegloopgedrag betekent dat er sterk wordt ingezet op een goede therapeutische relatie, op nabijheid, op ondersteuning. “Zo willen we voorkomen dat er redenen zijn om weg te gaan. We streven naar een context waarbinnen de cliënt zich goed voelt, dat is het belangrijksteHet gaat om een ruimer traject en dat moet je steeds voor ogen houden. Het heeft geen zin om zomaar vrijheidsbeperkende maatregelen op te leggen, zoiets werkt niet als je het volledige proces niet in rekening brengt. 

Individueel 

Toch komt het soms voor dat een cliënt desondanks ‘verdwijnt’. De architectuur van een gesloten afdeling is aangepast. Op gesloten afdelingen is er bijvoorbeeld een binnentuin of omheinde tuin, de ramen zijn beveiligd. Maar het gebeurt soms dat iemand het centrum verlaat. “Dan handelen we reactief, het komt er op aan om de persoon in kwestie terug te vinden. Het hele team werkt samen. Als het nodig is, wordt ook de politie ingeschakeld. Soms is dat verplicht, bijvoorbeeld wanneer het gaat om iemand die gedwongen werd opgenomen of door justitie werd doorverwezen. Hoe dan ook worden alle voorvallen individueel bekeken.” Soms krijgt iemand bepaalde vrijheden, maar leeft de cliënt de afspraken niet na. Preventief wordt bekeken waar de cliënt zich in die situaties zou kunnen bevinden, er wordt snel contact gelegd met wie eventueel informatie kan geven. Dergelijke voorvallen worden in het team grondig geanalyseerd en met de patiënt besproken: wat is de aanleiding, hoe kan er anders worden mee omgegaan? Ook hier wordt het behandeltraject bekeken.” 

Ouderenzorg 

In WZC De Regenboog in Zwijndrecht wonen onder meer mensen die dementie hebben. Een deel van hen is nog mobiel en gaat soms op pad. Het gaat niet om vluchtgedrag, wel vaak om een desoriëntatie in tijd en ruimte. Soms vinden ze de weg niet meer terug. Directeur Chris Rogier: “Primaire preventie bestaat uit een aangepaste infrastructuur en technische ingrepen. De afdeling is gesloten, maar met begeleiding kunnen bewoners er weg. Het is een manier om hen te beschermen tegen de omgeving. Technologie maakt het mogelijk dat de hoofdingang blokkeert als je er in de buurt komt. Het signaal komt van een tag in een armbandje dat de bewoner draagt. Het is een vorm van detectie. Ook risico-analyse hoort bij primaire preventie: we bekijken bij wie het risico groot is dat hij weggaat. We houden goed bij wie al een keertje vermist was of op het punt stond onbegeleid de afdeling te verlaten. Zorgmedewerkers voelen bepaalde situaties goed aan en weten wanneer ze extra aandachtig moeten zijn. We overlegden ook met Alain Remue van de cel Vermiste Personen van de Federale Politie. Hij leerde uit praktijkervaringen: een natuurlijke barrière zoals een rivier wordt doorgaans niet overgestoken, de persoon gaat naar links of rechts. Het gebeurt dat mensen met dementie naar een bushalte gaan. We denken eraan om een pseudo bushalte aan de ingang te plaatsen. Zelfs als de overweging om op de bus te wachten slechts een fractie bedenktijd oplevert, helpt dat om iemand terug te vinden of op te halen.  

Lokale politiezone 

Wzc De Regeboog zet ook in op secundaire preventie. “Enkele jaren geleden werkte ik samen met de lokale politiezone Hekla aan het project ‘vermissing van zorggebruikers’. Het kreeg een ruime weerslag en werd erkend als evidenced goede politiepraktijk over het omgaan met onrustwekkende verdwijningen waarvan vrijwel altijd sprake is als een bewoner met dementie vermist wordt. De methodiek kreeg ook in het buitenland aandacht. Belangrijk is een goede persoonsbeschrijving in politionele termen, zoals de gestalte. We bereiden op voorhand een vermissingsdossier voor bij mensen met risico op vermissing. Hekla ontwikkelde een aparte pagina op de website waar vermissingen kunnen gemeld worden. Die informatie gaat snel naar alle agenten die in hun zone kunnen uitkijken. Typerend is dat mensen die op pad gaan, een zoekend gedrag vertonen. Ze zijn de weg kwijt. De ervaring leert dat onze aanpak effectief is. Als iemand medicatie neemt, is dit één van de elementen om een vermissing als onrustwekkend te definiëren. Deze aanpak is inmiddels federaal uitgerold als goede praktijk en wordt bijvoorbeeld ook in jeugdzorg gehanteerd.” 

Intern zoeken 

De politie begeleidde wzc De Regenboog in het uitwerken van een intern zoekplan. Wanneer na tien minuten de bewoner nog niet is gevonden, start een externe zoektocht door de politie. Het is niet de bedoeling dat zorgmedewerkers extern gaan zoeken, de dienstverlening moet immers verzekerd blijven. “Deze aanpak van een snelle en gecoördineerde actie wanneer toch iemand verdwijnt, is geruststellend. 

Campus PC Sint-Amandus, Beernem

  

Geef een reactie