Typ om te zoeken

Geen onderdeel van een categorie

Interne organisatie van technisch onderhoud: Jessa ziekenhuis Hasselt

Delen

“We spelen nu meer zichtbare rol in de zorgverlening”

 
Hoe organiseer je je technische dienst en het technisch onderhoud? Wat doe je zelf en wat besteed je uit? Of is een combinatie van de twee opties de oplossing? Speelt het kostenplaatje een belangrijke rol in de keuzes die je maakt? Allemaal vragen die we voorlegden aan Guy Goddefroy (facilitair directeur) en Patrick Hansoul (hoofd van de technische dienst) van het Jessa ziekenhuis van Hasselt.
 
Het Jessa ziekenhuis Hasselt beheert drie campussen en een site met centraal magazijn en sterilisatie en dat heeft zo zijn complicaties op de organisatie en de structuur van de technische dienst.
 
“We proberen zo veel mogelijk ziekenhuisbreed te werken met heel veel uitwisseling tussen de verschillende campussen. Voor sommige opdrachten zijn we verplicht campus specifiek te werken. De medische instrumentatie, die instaat voor het onderhoud en herstellingen van de medische apparatuur, is de afgelopen jaren uitgebouwd en een dienst op zich geworden naast de eigenlijke technische dienst. De groendienst, de afvallogistiek en het beheer van de parking behoorden vroeger ook tot de technische dienst maar nu concentreren zij zich zuiver op het technisch beheer”, opent Guy Goddefroy.
 
“Onze technische afdeling bestaat in totaal uit een 40-tal mensen: technici in de verschillende vakgebieden, vier technici voor de nacht, een aantal die de wachtdienst realiseren, 1 administratieve kracht en, uiteraard, enkele leidinggevenden. We hebben de jongste jaren wat afgebouwd maar we hebben zeker de basiscompetenties nog in huis om goed werk te leveren. Geen enkel ziekenhuis kan alles zelf doen op technisch vlak maar de basis zijn goede technici om de zaken te kunnen beheren en storingen op te lossen. Hier is het zo dat wat we zelf beter of sneller kunnen of liever zelf onder controle houden, we niet uitbesteden. Bepaalde installaties zoals bijvoorbeeld persluchtcompressoren en noodstroomgroepen laten we wel onderhouden door gespecialiseerde firma’s omdat we zelf de knowhow en uitrusting niet in huis hebben”, vult Patrick Hansoul aan.
 
“Deze installaties zijn ook typische voorbeelden die niet echt zorgspecifiek zijn, heel generisch zijn en toch een hogere graad van specifieke kennis vereisen. Voor onze medische instrumentatie hebben we een strategie om maximaal zelf het onderhoud te doen. Zo vermijden we monopoliesituaties en kunnen we ook kort op de bal spelen op het vlak van communicatie en dienstverlening naar de zorgverlening. Wat niet wegneemt dat we het onderhoud van grotere medische toestellen ook uitbesteden”, aldus Guy Goddefroy.
 

Voortdurend overleg

Wat doet de technische dienst van het ziekenhuis dan concreet zelf?
De technische dienst staat in voor het beheer (goed functioneren en onderhouden) van de technische apparatuur, installaties en patrimonium van het ziekenhuis. Het uitvoeren van herstellingen, onderhoud en aanpassingswerken is nog altijd de kerntaak van de technische dienst.
 

Patrick Hansoul

Patrick Hansoul


“Daarnaast is er het beheer van de onderhoudscontracten, een voorbeeld hiervan zijn de liften. Die onderhoudscontracten trachten we af te stemmen op de praktijk. Een voorbeeld? Schuifdeuren… De deuren die intensief gebruikt worden, op kritische diensten, krijgen meer onderhoudsbeurten dan schuifdieren die minder open en dicht gaan. Bij defecten gaat de technische dienst in eerste instantie altijd zelf na of ze de herstelling kunnen uitvoeren alvorens een externe firma te contacteren. Onderzoektafels, relaxatiezetels… kijken wij zelf één keer per jaar na. Elektrische veiligheidstesten op deze zogenaamde medische hulpmiddelen doen we ook zelf. Het controleren van het materiaal gebeurt aan de hand van checklisten van de fabrikanten. Als er bijvoorbeeld een nieuw type bed geleverd wordt dan zal een van onze eigen mensen samen met de technieker van de fabrikant of leverancier de eerste onderhoudsbeurt uitvoeren. Bij de volgende controle weet hij precies waar hij moet op letten. Zowat 40% van de verluchtingsinstallaties onderhouden we eveneens zelf.”
 
“Aan de hand van de eigen capaciteit en middelen wordt geoordeeld wat we uitgeven en wat we zelf doen. Tot op heden hebben we gelukkig mensen in dienst die de juiste achtergrond hebben op het vlak van elektronica, informatica en computerbesturing. Het technisch onderhoud wordt namelijk steeds complexer maar we hebben een vrij uitgebreide dienst om het hoofd te bieden aan de steeds maar evoluerende technologie”, aldus Patrick Hansoul.
 
“Belangrijk in heel dit verhaal is ook dat je de mensen rendabel kunt inzetten voor werken waar ze goed in zijn, wat ook opleiding en bijscholing vraagt. Naast de evolutie van de techniek is ook de service een cruciale factor. Je moet snel en reactief kunnen handelen als facilitaire afdeling. Voor de curatieve oproepen betrachten wij om binnen de 8 werkuren een oplossing te bieden, wat we ook halen in meer dan 90% van de gevallen. We hebben ons daar ook op gefocust… Je bent natuurlijk ook afhankelijk van de signalen die je krijgt van het verzorgend en verplegend personeel”, zo stelt Guy Goddefroy.
 
Patrick Hansoul vult aan: “Onze wachtdienst bijvoorbeeld kan van thuis uit inloggen op de diverse systemen zoals HVAC, buispost, temperatuurbewaking. Is het te koud of te warm op de intensieve afdeling, dan kunnen onze mensen meestal meteen bijsturen vanop afstand. Elke nacht hebben we op onze grootste campus een technicus ter plaatse om de kleine storingen op te vangen. Het niveau van deze service kost geld aan een ziekenhuis maar daar kies je voor.”
 

Bij outsourcing speelt concurrentie

Is outsourcing per definitie altijd duurder? Wat zijn de voor- en nadelen van het uitbesteden van het technisch onderhoud?
Guy Goddefroy: “Als je het zelf doet en je hebt de nodige middelen en competent personeel is het vaak nog altijd goedkoper dan bij outsourcing. Bij het uitbesteden laten we anderzijds natuurlijk de concurrentie spelen, we zorgen er altijd voor dat we een schappelijke marktprijs onderhandelen. Voor wat betreft de medische apparatuur hebben we o.a. uit functioneel oogpunt de keuze gemaakt om het niet uit te besteden. Hiervoor werden ook enkele technici aangetrokken. Bij het investeren van nieuwe technologie mag je ook niet in een monopoliesituatie verzeild geraken waardoor je volledig afhankelijk wordt van de leverancier.”
 
“We hebben net een verhuis- en verbouwingsbeweging van afdelingen t.g.v. de vier jaar oude ziekenhuisfusie afgerond en we staan de volgende drie jaar opnieuw voor een groot aantal aanpassingen en vernieuwingen. In de voorbereiding van die tweede golf van verbouwingen die er aankomt, worden ook wij als technische dienst ingeschakeld. Alleen al het verhuizen van diensten met alles wat erbij komt kijken brengt serieus wat extra werk mee”, licht Patrick Hansoul toe.
 
Het Jessa ziekenhuis van Hasselt was het eerste ziekenhuis in België dat NIAZ geaccrediteerd werd, een kwaliteitskeurmerk voor de zorg, zeg maar. Nu staat het Jessa ziekenhuis al voor z’n derde accreditatiegolf.
 
“Deze externe audit brengt extra spanning mee maar is ook een zegen”, haakt Guy Goddefroy meteen in.
 

Guy Goddefroy

Guy Goddefroy


“De focus ligt helemaal op de kwaliteit van de zorgverlening. Alles wat rechtstreeks met de patiënt en veiligheid te maken heeft, passeert de revue en krijgt extra aandacht. In de toekomst wordt de kwaliteit van zorgverlening en het financieringsaspect vanuit de overheid steeds nauwer verweven met elkaar. Ook de consument, de patiënt dus, is veel mondiger geworden dankzij o.a. de transparantie via het internet. De kwaliteitsindicatoren binnen de zorgsector worden dus nog relevanter en transparanter. Daardoor komen wij als technische dienst ook veel meer in de kijker al blijft het ook binnen het NIAZ normenkader duidelijk de zorg die de eindverantwoordelijkheid draagt voor het juiste gebruik van goed onderhouden apparatuur. Dat creëert wel extra druk maar je speelt als dienst een nog meer zichtbaar relevante rol in de zorgverlening. De technische dienst, de medische instrumenten, het facilitaire is nog minder een alleenstaand doel op zich. Ook wij zijn er direct en indirect ten dienste van de patiënt. De zorg om de zorg schept een erg aangename manier van samenwerken, een fijne WIJ-sfeer…”.
 

Streven naar één groot beheerssysteem

“Dit streven naar kwalitatief veilige apparatuur en installaties betekent voor de technische dienst ook een extra stimulans om nog meer inspanningen te leveren op het vlak van preventief onderhoud. Daarom is er ook in het introductieprogramma van de nieuwe medewerkers in het ziekenhuis een luik technische opleiding voorzien. De verplegende kan bij ons het intranet raadplegen voor meer informatie over de werking van toestellen en krijgt ook een overzicht op het vlak van onderhoud van de medische apparatuur. Op elk toestel kan hij visueel vaststellen via een onderhoudssticker tegen wanneer een volgend onderhoud nodig is. Naast de echt technische medische apparatuur werd in overleg met de zorgmanagers prioriteiten bepaald waarbij de focus vooral gelegd wordt op patiëntgebonden apparatuur en installaties. Rolstoelen, bedden en tilliften bijvoorbeeld…
 
In de toekomst willen we van twee facilitaire beheerssystemen tot één groot beheerspakket komen Jessa breed. Op die manier kunnen we nog meer accuraat alles onder controle houden. Bij het preventief onderhoud kun je praktisch alles plannen. Bij curatieve herstellingen is dat moeilijker. Voor preventief onderhoud wordt een maandplanning opgemaakt om op die manier alles in goede banen te leiden”, aldus Patrick Hansoul.
 
De federale regering legt de ziekenhuizen heel wat besparingen op. Is dat ook voelbaar in de interne organisatie en werking van de technische dienst?
“Er is de duidelijke boodschap dat de subsidies in de toekomst een stuk minder zullen zijn maar hoeveel precies is nog onduidelijk. Hierdoor zullen grote verbouwingswerken of zware infrastructurele ingrepen een stuk lastiger worden in de toekomst. Op dit moment blijven vele plannen dus voor een stuk hypothetisch. We kunnen alleen maar hopen dat er snel duidelijkheid komt”, zegt Guy Goddefroy.
 
“Al verschillende jaren zijn we bij Jessa een spaarpot aan het aanleggen voor een nieuwe eenheidscampus aangezien de subsidies van overheidswege worden afgebouwd. Zo is ook de technische dienst met 10% ingekrompen sinds de fusie, gelukkig zonder naakte ontslagen. Naast het sparen voor de nieuwbouw moeten we wel ondertussen zorgen dat alles wat met de patiënten te maken heeft up-to-date gehouden wordt in onze bestaande gebouwen. Installaties verouderen, systemen worden afgeschreven en er moeten dus blijvend kosten gemaakt worden. Het is een moeilijk evenwicht, zeker op technisch vlak. De structuur en de werking van je technische dienst en de extra kosten: het worden nog boeiende jaren voor ons”, besluit Patrick Hansoul.
 
Guy Goddefroy voegt er nog aan toe: “Dat spanningsveld tussen de noodzaak om (bouw)technisch te blijven vernieuwen en onze langetermijnstrategie van een nieuw ziekenhuis verplicht ons om grondige keuzes te maken. We hopen dat we vóór de realisatie van de eenheidscampus niet onze basisinfrastructuur, zoals daken, cv-ketels, noodstroomgroepen,… alsnog moeten renoveren. Vanuit de beste zorg voor de patiënt zullen we ons infrastructureel en technisch blijvend laten leiden. De evenwichtsoefening zal in de volgende jaren moeilijk blijven maar de patiënt blijft ook in ons vakgebied centraal, zeker weten!”
 

Tags:

Je houdt waarschijnlijk ook van

Geef een reactie