Typ om te zoeken

In the spotlight Legal Woonzorgcentra

VLOZO bepleit regionalisering van alle aspecten van ouderenzorg

Delen

Vlozo, de sectororganisatie van de uitbaters van private ouderenvoorzieningen, pleit voor de volledige regionalisering van alle aspecten die invloed hebben op residentiële ouderenzorg. Momenteel zijn deze bevoegdheden nog verdeeld: de Vlaamse overheid is  bevoegd voor de erkenning, programmatie, infrastructuur- en zorgfinanciering van de ouderenzorg, maar de federale overheid blijft nog verantwoordelijk voor belangrijke deelfacetten. De coronacrisis heeft echter aangetoond dat deze versnipperde bevoegdheidsverdeling niet optimaal functioneert. “Om aan de ouderen de best mogelijke zorgen te geven, kan de zorgverlening best op 1 niveau worden gecentraliseerd”, verduidelijkt VLOZO-voorzitter Geert Uytterschaut.

Tijdens de recente coronacrisis kreeg de residentiële ouderenzorg het zwaar te verduren. De crisissituatie stelde de discussie over de bevoegdheidsverdeling op scherp. Op het vlak van gezondheidszorg zijn in ons land de bevoegdheden versnipperd tussen het regionale en het nationale niveau. Dit leidde tijdens de crisis tot belangrijke inefficiënties en kostbaar tijdverlies. De woonzorgcentra kregen te maken met veel sterfgevallen.

Het directiecomité van Vlozo heeft zich daarom gebogen over deze bevoegdheidsverdeling. Vlozo pleit voor duidelijkheid, verantwoordelijkheid en efficiëntie. Er zijn goede redenen om alle aspecten van ouderenzorg over te hevelen naar het Vlaamse niveau:

–        De Gemeenschappen zijn sinds de 6de staatshervorming al grotendeels bevoegd voor de residentiële ouderenzorg. Er blijven slechts een beperkt aantal federale bevoegdheden over.

–        De noden op het vlak van ouderenzorg zijn duidelijk anders in Vlaanderen dan in Wallonië. Zo is er in Vlaanderen sprake van een grotere en zwaardere zorgbehoevendheid dan in Wallonië. Ook zal de verzilvering van de bevolking de komende jaren veel sterker zichtbaar zijn in Vlaanderen dan in de rest van het land.

–        De residentiële ouderenvoorzieningen maken deel uit van de eerstelijnszorg, waar de Vlaamse overheid met de eerstelijnszones zopas een ingrijpende hervorming op gang heeft gebracht.

–        De organisatie van de zorg botst op zijn limieten: ziekenhuisnetwerken en regionale zorgzones matchen niet. De samenwerking tussen ziekenhuizen en woonzorgcentra kan beter worden afgestemd door één beleidsniveau het kader te laten uittekenen.

–        De regionalisering van alle facetten van de ouderenzorg is een momentum om tabula rasa te maken. We moeten het ouderenbeleid in Vlaanderen durven herdenken, zodat we klaar zijn voor de uitdagingen van morgen. Het spreekt voor zich dat het werkveld nauw bij deze hervormingen betrokken dient te worden.

KB 78

Vlozo vindt het dus logisch dat het regionale niveau bevoegd wordt voor het volledige ouderenbeleid.

Dit houdt ook in dat nog een aantal federale bevoegdheden overgedragen dienen te worden:

–        Het federale KB 78. Dit ligt aan de basis van de taakomschrijving van de zorgverleners in ons land. Een overheveling en een hervorming van dit KB 78 leidt ertoe dat we in Vlaanderen eindelijk iets kunnen doen aan de werkdruk en de taakverdeling van de zorgverleners. Een hervorming van dit KB maakt het bijvoorbeeld mogelijk dat verpleegkundigen zich veel meer op hun kerntakenkunnen richten.

–        Alle bepalingen in verband met de geneeskundige en verpleegkundige verstrekkingen. Nu is deze bevoegdheid nog verdeeld tussen het Vlaamse en federale niveau. Indien de verpleegkundige en geneeskundige verstrekkingen volledig naar het regionale niveau gaan, dan kan het woonzorgbeleid beter worden afgestemd op het werk van andere zorgaanbieders (thuisverplegers, huisarts, kiné, enzovoort).

–        Sociale Maribel-fondsen. De Sociale Maribel is een federaal fonds dat tot doel heeft om tewerkstelling in de woonzorgsector te stimuleren. Deze nieuwe arbeidsplaatsen worden gefinancierd via patronale bijdrageverminderingen. Vlozo stelt echter voor om deze Sociale Maribel-fondsen over te hevelen naar het Vlaamse niveau en om ze vervolgens te integreren in de basistegemoetkoming zorg.

–        Creatie van ‘woonzorgartsen’. De coronacrisis leerde ons dat een eigen ‘woonzorgarts’ een grote meerwaarde kan bieden naast het huidige systeem van de huisartsen en de Coördinerend en Raadgevend Arts (CRA). Het is voor Vlozo de bedoeling dat de woonzorgarts(en) voor een groot deel instaan voor de medische zorg aan bewoners. In heel wat woonzorgcentra kreeg Vlozo te horen dat de huidige werking niet optimaal functioneerde en de medische zorg quasi onbereikbaar was. Vlozo pleit er daarom voor om de rol van de CRA op te waarderen tot een volwaardige ‘woonzorgarts’. Deze laatste is enkele uren per dag vast aanwezig in het woonzorgcentrum en is verantwoordelijk voor het volledige medische beleid in het woonzorgcentrum.

–        Gelijk speelveld tussen alle zorgaanbieders. Ook herhaalt Vlozo de vraag dat, ongeacht de beheersvorm, elke ouderenvoorziening in Vlaanderen gelijk moet worden behandeld. Vlozo wenst eindelijk komaf te maken met de aanslepende discriminatie van private woongelegenheden en hamert daarom op een volledig gelijk speelveld tussen de diverse types van voorzieningen. Het mag niet langer draaien om het type woongelegenheid, maar wel om het welzijn van de inwonende resident.


Over Vlozo​

Vlozo, het Vlaams Onafhankelijk Zorgnetwerk, vertegenwoordigt meer dan 200 private ouderenvoorzieningen (woonzorgcentra, groepen van assistentiewoningen, centra voor kortverblijf en dagverzorgingscentra) en meer dan 20.000 bewoners. Dit is 25 procent van alle Vlaamse bedden.​

Geef een reactie