Typ om te zoeken

In the spotlight Techniek

Wijziging wetgevend kader in verband met luchtvochtigheid  – CO2-meting

Delen

Lucht, wist je dat een volwassen persoon er minstens 30m3 per dag van nodig heeft? Men vindt het zo evident om er altijd over te beschikken en dat ingeademde lucht zuiver is, zowel buiten als binnen. De aanpassingen in het koninklijk besluit van 2 mei 2019 tot wijziging van de codex over het welzijn op het werk inzake de binnenluchtkwaliteit in werklokalen werd gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 21 mei 2019 en is in werking getreden op 31 mei 2019. De wijzigingen hebben vooral betrekking op de hoeveelheid CO2 in de lucht en de luchtvochtigheid als voornaamste parameters. 

Jan Vercauteren, Energie Deskundige, EPB verslaggever, Eigenaar van A-energy

Zorg en Techniek gaat na indien deze wijzigingen rekening houden met duurzaamheid en energieprestatie van gebouwen. In dit dossier komen 2 experten aan het bod. In eerste instantie is het woord aan Jan Van Bouwel, disciplineverantwoordelijke arbeidshygiëne bij IDEWE/IBEVE vzw. Hij heeft als bio-ingenieur en preventieadviseur een grote know-how waar hij als deskundige arbeidshygiëne bedrijven met advies bijstaat 

Anderzijds wordt Jan Vercauteren als tweede kenner bevraagd. Hij is energie deskundige, EPB verslaggever en sinds 7 jaar eigenaar van A-energy. Jan is een gepassioneerd docent aan de militaire school en actief lid van de beroepsvereniging OVED (Overlegplatform voor energiedeskundigen). 

Kan je nog even de niche kennis van arbeidshygiëne toelichten? 

Een arbeidshygiënist is een preventie adviseur die gespecialiseerd is in specifieke risicoanalyses en metingen om de blootstelling aan biologische, chemische en fysische agentia te beoordelenondermeer evaluatie van  binnenluchtkwaliteit en binnenklimaat. 

Wat vindt U vanuit uw ervaring een vaak voorkomende misvatting rond luchtkwaliteit? 

Je mag vooral de fout niet maken dat je problemen eenzijdig bekijkt. Het is belangrijk om alle factoren die behaaglijkheid bepalen samen in hun geheel te bekijken.  

Klachten zoals hoofdpijn zijn bijvoorbeeld niet louter te wijten aan een te hoog CO2gehalte. Regelmatig stelt men een combinatie van verschillende oorzaken vast (bv. onvoldoende verlichting, droge lucht, te hoge temperatuur, te veel of te weinig contrast op het werkvlak,…). 

Vaak nemen klachten en symptomen wel af als men in het gebouw het aantal luchtwisselingen verhoogd, ook al kent men de effectieve oorzaak niet. 

Een beheerder van een gebouw zal veelal reageren op klachtenHierin komt de verzuchtingHet is hier droge lucht, kan je daar niets aan doen?” dikwijls naar boven. Is de oorzaak dan ook wel echt een gebrek aan bevochtiging op de ventilatiekanalen? 

Jan van Bouwel, Disciplineverantwoordelijke arbeidshygiëne bij IDEWE/IBEVE vzw

Dikwijls is de klacht, ‘het is hier droge lucht…’ niet enkel het gevolg van te droge luchtJe hoort mensen zeggen: ik bots hier op een muur van droge lucht”. Ik stel vast dat het meestal té warm is in combinatie met droge lucht in de winter of te weinig luchtbeweging in de zomerEen goede aanpak is om de kamertemperatuur in koudere periodes naar een streefwaarde van maximaal 22°C te regelen. Dit zorgt al voor hoger comfortgevoel en het relatieve vochtpercentage zal ook stijgen.  

Wat kan men, buiten het verhogen van het ventilatiedebiet, doen om de klachten aan te pakken? 

Gezondheidsklachten bij gebruikers van een gebouw zijn frequent te wijten aan de aanwezigheid van chemische stoffen (VOS, formaldehyde, stof of vezels), micro-organismen of virussen.  Bij een lage luchtvochtigheid wordt de mens daar gevoeliger voor door uitdroging van de slijmvliezen. Bij de bouw en inrichting van een gebouw is de keuze van de juiste bouwmaterialen dan ook uiterst belangrijkDe stoffen die uit bouw- en afwerkingsmaterialen vrijgesteld worden, kunnen immers leiden tot diverse klachtenDe nieuwe normen ondersteunen hierin de beheerder en geven aan welke materialen emissie-arm zijn.  

Externe invloeden buiten het gebouw beïnvloeden uiteraard ook de binnenluchtkwaliteit en het binnenklimaat.  Hiermee dient van meet af aan rekening gehouden te worden bij het concept van het gebouw en de keuze van de installatieso.a. aangepaste filters in de luchtgroep in functie van de kwaliteit van de buitenluchtZo ben ik bijvoorbeeld geen voorstander van elektronisch gestuurde zonnewering die te pas en te onpas naar beneden gaat. Luifels of roosters boven de ramen zijn vaak een betere oplossing.  Zij houden in de zomer, bij een hoge stand van de zon de thermische invloed buiten, terwijl in de winter het lokaal natuurlijk opwarmt door de instraling van de laagstaande zon. Dit levert energetische voordelen op en zal ook heel wat klachten vermijden. 

Wat met adiabatische luchtbevochtiging als energetisch alternatief om alsnog een vochtregelaar te hebben op de ventilatiekanalen. 

Volgens het Vlaams legionellabesluit en de bijhorende BBT’s  (Best Beschikbare Technieken) opgesteld door het VITO (Vlaams Instituut voor Technologische onderzoek) wordt in ziekenhuizen en WZC’s een stoombevochtigingsprincipe voorgeschreven omwille van Legionella beheersing. Uiteraard kan men zich de vraag stellen of dit op energetisch vlak een duurzame oplossing is.  Adiabatische bevochtiging is energetisch een stuk gunstiger, maar omwille van de mogelijke groei van schimmels en bacteriën niet toegestaan in een hoog risico omgevingNochtans kan door het gebruik van zuiver omgekeerd osmose water in combinatie met zilverionisatie en optimalisatie van de precisieregelingen, een adiabatisch bevochtigingssysteem legionellaveilig en vrij van ziektekiemen gemaakt worden.  Bovendien is de vraag of een dergelijke beperking voor de volledige ziekenhuisomgeving moet gelden?  Een ziekenhuisomgeving bestaat immers uit verschillende afdelingen, zowel kritisch-medische als kantoorinrichting.  Eventueel kan via pilootprojecten en bijkomende risicoanalyse de toepassing van een dergelijke adiabatische koeling in de ziekenhuisomgeving herbekeken worden. 

Is het plaatsen van bevochtiging op een bestaande installatie dan wel een goede oplossing? 

In vele gevallen niet. Vaak is de installatie daar niet op berekend en leidt dit tot onverwachte problemen.  

Is kanaalreiniging een oplossing om ervoor te zorgen dat er minder stof wordt verspreid en zo mogelijk minder irritatie opwekt? 

Regelmatige controle en indien nodig reiniging van luchtkanalen is zeker nuttig. Het is evenwel even belangrijk om rekening te houden met de kwaliteit van de buitenlucht en hierop je filters te dimensionerenBij een verkeerde filterkeuze zal de vervuiling immers vrij snel terug komen na reiniging. 

Kanaalreiniging kan niet overal worden uitgevoerd, kan ionisatie van de lucht dan worden beschouwd als een oplossing om de binnenluchtkwaliteit te verbeteren? 

Ik ken de techniek en ik twijfel zeker niet aan de werking, er zijn studies die hebben aangetoond dat deze techniek de luchtkwaliteit en geurhinder oplossenMaar een goed concept, voldoende controle en een degelijk onderhoud zijn belangrijk om problemen te vermijden. Het is primordiaal dat de ventilatie goed is ingeregeld. In het geval van geurhinder is het weghalen van de geurbron de eerste stap in bieden van een oplossing. 

De wijziging van het KB heeft op de meting van CO2 specifieke grenswaarden gezet. Zijn jullie bij de opmaak van het KB betrokken geweest? 

Mijn collega binnen onze dienst is betrokken geweest bij het voorontwerp van het KBHet werd snel duidelijk dat dit in heel wat bestaande gebouwen de waarde van 800 ppm CO2 niet realistisch was. Dit komt niet overeen met de gangbare praktijken waar een evenwicht tussen voldoende luchtkwaliteit en energieprestatie van belang is. Met de laatste wijzigingen is men naar een meer haalbare en realistische benadering gegaan, met name een ventilatiedebiet van 40m3/u/pp of een CO2  gehalte < 900 ppm als maat voor een voldoende luchtkwaliteitHiervan kan afgeweken worden tot 25m3/u/pp of een CO2  gehalte tot 1200 ppm, als aangetoond wordt dat de verontreinigingsbronnen weggenomen of drastisch verminderd werden (keuze voor materialen met lage emissie, plaatsing van printers in aparte lokalen,….)    Nieuwbouw moet onmiddellijk aan deze eisen voldoen.  In bestaande gebouwen moet men via een risicoanalyse een actieplan opstellen en een tijdspad voorzien om binnen afzienbare tijd te voldoen aan de eisen.   

Is er rekening gehouden in het nieuwe KB met bestaande KB’s? 

Ja zeker, waar het nieuwe KB voor arbeidsplaatsen voornamelijk over luchtkwaliteit gaat, is het KB thermische omgevingsfactoren vooral gericht op het verhinderen van gezondheidsschade en klachten door warmte- en koudebelasting. Dit laatste KB is in het verleden ook aangevuld met een verplichte risicoanalyse voor binnenklimaat in kantoren en een evaluatie conform NBN7730 (Ergonomie van de thermische omgeving) 

Hierbij baseert men zich op de gevoelstemperatuur in functie van het type werk dat verricht wordt.  Het comfortgevoel wordt immers niet alleen bepaald door de temperatuur in het lokaal, tevens door de luchtbeweging en warmte of koudestraling van toestellen, wanden, ramen en plafonds. In de zomer kan 26°C immers comfortabel aanvoelen als er voldoende luchtbeweging is, terwijl 24°C zonder luchtbeweging als een drukkende en doffe warmte kan aanvoelen 

In welke mate vind je dat het KB een pragmatisch aanpak heeft genomen? 

Ik vind de aanpassingen die nu gedaan zijn een verbetering. Het idee van evaluatie op basis van een risicoanalyse en het invoeren van meer realistische criteria laat toe om ook rekening te houden met bijvoorbeeld criteria uit andere wetgeving. De wijzigingen liggen ook in lijn met de bepalingen van de EN 16798 over Energieprestatie van gebouwenwaarin eveneens vertrokken wordt van een evenwicht tussen welzijn en de eisen naar duurzaamheid en energieprestatie. 

Indien er een referentiecijfer voor arbeidshygiëne zou gemaakt worden welke parameters zouden volgens U zeker geïntegreerd moeten worden. 

Hoofdzaak is om de externe invloeden buiten te houden, hiervoor moet de buitenschil en de zonnewering correct worden geplaatst. 

Een tweede parameter betreft het voorzien van voldoende ventilatie in functie van de bezettingsgraad en type activiteiten in een gebouw.  

Als derde zou ik de sturing en de regeling op een installatie nemen aangepast aan de locatie en functionaliteit van een gebouw. 

Een vierde belangrijk aspect is de keuze van de juiste materialen om problemen met emissies te vermijden.   

Kan er gesteld worden dat de binnenluchtkwaliteit vroeger beter was dan vandaag? 

In elk geval is het een feit dat veel gevallen van ‘sick building’ worden vastgesteld in gebouwen met airconditioning en complexe gebouwen waar alle technieken autonoom worden gestuurd.  

Bij natuurlijke ventilatie heb je deze problemen uiteraard niet, maar oude gebouwen zijn energetisch dan weer een rampEen zwaar gebouw met kleine ramen en dikke muren is qua arbeidshygiëne minder geschikt, maar kent minder last van externe invloeden. Zoek een compromis tussen een volledige autonome installatie en natuurlijke ventilatie voor beste comfort. 

Mag ik concluderen dat het comfort voor mens, patiënt, werknemer hand in hand gaan met pragmatische nadenken over energetische beheer van een gebouw. U treedt buiten de niche om niet enkel het aspect arbeidshygiëne maar ook duurzaam ontwerp en technische complexiteit te benaderen.  

Daar sluit ik me volledig bij aan, onthoud vooral om de verschillende aspecten niet los van elkaar te bekijken maar in zijn geheel te beschouwen.Pagina-einde 

Zorg & Techniek  bevraagt nu Jan Vercauteren wat de wijzigingen in het KB betekenen in functie van de EPB (Energie Prestatie en Binnenklimaat). 

Wordt OVED betrokken in de opmaak van het nieuwe KB’s? 

Neen, we zijn niet betrokken in de opmaak van het nieuwe KB. Er zijn wel bepaalde contacten waarin formele gesprekken met een collega uit het VEA (Vlaams Energieagentschap) zijn gehouden. De conclusies uit deze gesprekken worden besproken in de OVED plus vergadering maar we hebben geen inspraak gehad in de voorontwerpen.  

Welke invloed heeft ventilatie op EPB van een nieuwbouw? 

Er zijn een aantal aspecten die hier invloed op hebben namelijk CO2, materiaal emissie, polluenten, vocht en temperatuur. Het is belangrijk dat de luchtsnelheden goed afgeregeld zijn zodat het comfort is bewaard. Recirculatie van de lucht is zeker een mogelijkheid maar dit vergt een complexe regeling en bezit een grotere kans op falen. 

Het energieverbruik bij recirculatie zal zeker een grote invloed hebben, de wettelijke norm van 22m3 lucht per persoon moet worden gehanteerd en dit betekent uiteraard grote debieten waardoor recuperatie een groot financieel voordeel zal genieten. 

Wat is de invloed van combinatie ventilatie en klimatisatie voor EPB? 

Het aantal luchtverversingen is meestal te laag om een ruimte te klimatiseren, we merken op dat beheerders ingrijpen door airconditioning te plaatsen. Dit heeft uiteraard een negatief effect op het EPB. 

Luchtverwarming staat in EPB onder parameter ‘andere verwarmingen’ genoteerd in vergelijking met conventionele verwarming (convector, vloerverwarming), waardoor er een slechtere score zal worden gegenereerd voor het EPB-verslag. 

Welke impact heeft de wijziging van grenswaarden van CO2 concentraties in een gebouw? 

Voldoende ventilatie en een variabel debiet leert uit de ervaring dat dit geen problemen zal veroorzaken. De bestaande gebouwen zullen bij boven vernoemde voorwaarden geen grote investeringen hoeven doen. De voorwaarden zullen bij nieuwbouw meegenomen moeten worden in het ontwerp terwijl dat vandaag vaak wordt geschrapt omwille van besparingen. Bij een grenswaarde van 900 ppm is dit zeker haalbaar waardoor het nieuwe KB zeker pragmatisch is opgebouwd. Ik merk op dat de limiet voor CO2 concentraties in de buurlanden lager zijn dan in België. 

Als we variabele debieten gaan opzetten om CO2gehalte in de lucht te verminderen gaan we dan een groter energieverbruik hebben omdat we meer lucht afzuigen? 

Nee, niet direct. Het is zo dat we voorheen de CO2-gehaltes hoger lieten oplopen in een ruimte alvorens we starten met ventileren (vb. door raam te openen)De nieuwe grenswaarden dwingen ons om direct in te grijpen, waardoor er continu een lagere CO2-gehalte aanwezig is. 

Dit zorgt voor continuïteit in ventilatiedebiet en zal dus niet zorgen voor een extra energieverbruik. 

Hoe kunnen we nog CO2 reduceren in een ruimte? 

Door een intelligente plaatsing van de pulsie en extractie in de ruimte volledig te benutten op gebied van ventilatie. Er wordt nog te weinig nagedacht bij opmaak van de ruimtes welke bezetting er wordt aangenomen.  

Heb je nog tips & tricks? 

Ik krijg dikwijls de vraag waarom we moeten ventileren. Metingen en controles hebben aangetoond dat het plaatsen van ventilatie het CO2-gehalte significant verlaagt. Bij renovatie worden de budgetten op binnenlucht comfort als eerste geschrapt. Men denkt eerst aan isolatie en veel licht om comfort te vergroten en energieverbruik te laten dalen. Er wordt te weinig aandacht geschonken aan externe invloeden, gebruikte materialen en de functionaliteiten van de ruimtes  

Zorg & Techniek stelt vast dat de deskundigen in iedere geval enthousiast zijn over de wijzigingen in het KB, mits een grote aandacht voor de functionaliteiten tijdens de initiatie fase van een project. De wetgever heeft toch een grote toenadering gezocht naar de beheerders van gebouwen. Er zijn afwijkingen toegelaten op de grenswaarden door middel van een performant risicobeheer en bijhorend actieplan. De limieten voor CO2 zijn scherper gesteld maar er is rekening gehouden met de invloeden van de omgeving. Ik zie ook meer ruimte voor een aanpak in verschillende gebouwen met diverse technieken. Nu wordt het afwachten hoe de business reageert en zich aanpast.  

Geef een reactie